Menu

Verhalen

De mensen van Wing bloggen over hun ervaringen en reflecties.

Nadenken over een waardevolle leefomgeving

Nadenken over een waardevolle leefomgeving De rijksoverheid is hard bezig een Nationale Omgevingsvisie (NOVI) te ontwikkelen. Wing begeleidt daarin het verdiepingsthema ‘Naar een waardevolle leefomgeving’. Centraal in ons proces staat de vraag: ‘in welk Nederland willen wij anno 2050 leven’? Om met de dynamiek van veranderingen om te gaan, heeft Nederland een uniek samenwerkingsmodel ontwikkeld. Dat zorgt ervoor dat we telkens opnieuw de kwaliteiten van nu kunnen verbinden met de opgaven voor morgen.

Nederland ligt aan de rand van de Noord-Europese laagvlakte, waar rivierwater en sediment de Noordzee bereikt en de zee zich gestaag aan het land opdringt. Onze rivierendelta was van oudsher een aantrekkelijke vestigingsplaats, niet alleen om de vruchtbare grond en visrijke wateren, maar ook om er via het water handel te drijven. Het leidde tot hoge bevolkingsdichtheden en telkens weer de noodzaak om in te grijpen in de natuurlijke omgeving: om zich te beschermen tegen het water en vanwege de toenemende behoefte aan voedsel, energie en bouwmaterialen. Het heeft een samenleving tot stand gebracht die goed georganiseerd en planmatig met de kwaliteiten van milieu en ruimte omgaat. 

De NOVI

In die traditie van ruimtelijke planvorming ontstond begin van deze eeuw de behoefte om ruimtelijke kwaliteit en de zorg voor de fysieke leefomgeving, inclusief gezondheid en erfgoed, onder één paraplu te brengen. De nieuwe Omgevingswet, die waarschijnlijk in 2020 in werking treedt, integreert 26 wetten en schrijft een nieuwe sturingsfilosofie voor die belang hecht aan een maatschappelijke dialoog vooraf. In die geest is de rijksoverheid in 2015 begonnen een Nationale Omgevingsvisie (NOVI) voor te bereiden. Daarbij kwam de scope geleidelijk op vier verdiepingsthema’s te liggen: een duurzame en concurrerende economie, klimaatadaptatie en energietransitie, verstedelijking en mobiliteit, en een waardevolle leefomgeving.

Brede opgave

Vanaf deze zomer begeleid ik in opdracht van het ministerie van IenM en samen met collega Jannemarie de Jonge en onze netwerkpartners Peter de Ruyter, Theo Thewessen en Cees Kwakernaak, een verdiepingstraject rond het thema ‘Naar een waardevolle leefomgeving’. Onze expertise in de totstandkoming van eerdere beleidstrajecten op dit terrein, maakt dat van ons een stevige bijdrage wordt verwacht, ook in de conceptuele invulling. Een uitdagende opdracht, die zich meteen op de hamvraag richt: wat verstaan wij in Nederland onder het begrip ‘waardevolle leefomgeving’? Kun je waardevrij over ‘waardevol’ denken? En hoe ruim of beperkt willen we in deze opdracht de leefomgeving zien? Een brede opgave, die tot boeiende discussies leidt met een grote groep beleidsmedewerkers en externe deskundigen, voorgezeten door de directeur Erfgoed van het Ministerie van OCW en de directeur Natuur en Biodiversiteit van het ministerie van EZ.

Continu verbouwen

Eigenlijk komt onze opdracht neer op de vraag: “In welk Nederland willen we anno 2050 leven?” En dit dan afgezet tegen de maatschappelijke opgaven die ons land de komende jaren zal moeten realiseren, zoals de transitie naar een duurzame energievoorziening, de klimaatopgaven en de totstandkoming van een meer circulaire economie. Het gaat over de identiteit en kwaliteit van Nederland, die zich bijvoorbeeld vertaalt in gezondheid en beleving. Maar natuurlijk gaat het ook over internationale verdragen op het gebied van milieukwaliteit en biodiversiteit, over hoe onze AgroFood-sector zich verder kan ontwikkelen en over hoe wij al die ruimtelijke opgaven op een duurzame manier weten te verankeren. Zo is Nederland continu aan het verbouwen. In dat proces zijn de nieuwlichterijen van nu misschien wel het erfgoed van straks. Het is de kunst om omgevingswaarden en functies telkens weer bij elkaar te laten aansluiten.

Samenwerking en kwaliteit

Aan de basis van al dat verbouwen en op elkaar aansluiten staat een uniek samenwerkingsmodel van overheden, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties, dat de verschillende belangen weet te verenigen in innovatieve nieuwe oplossingen. Als bijvoorbeeld een historisch dorpsgezicht omwille van waterveiligheid achter een dijk dreigt te komen liggen, dan bedenken we een oplossing die zowel recht doet aan de benodigde veiligheid als aan de identiteit die wij op zo’n plek willen behouden. Maar ook ontwikkelen we polders en pijlerdammen in zee: nieuw erfgoed dat zowel functioneel is, als uiting geeft aan hoe Nederland dat organiseert en daarin kwaliteit legt. Het tot stand brengen van dat soort verbindingen, dat is denk ik de essentie van een waardevolle leefomgeving. In het NOVI-traject hopen we aan dat besef een mooie bijdrage te kunnen leveren.