Rust, openheid en duisternis maken het Waddengebied bijzonder. Maar wat betekenen deze landschappelijke kernwaarden precies? En hoe vertaal je ze naar beleid? Wing werkte samen met de Waddenacademie aan heldere definities, criteria en aanbevelingen.
Het Waddengebied heeft grote natuurwaarde en een grote belevingswaarde voor bewoners en bezoekers. Daarom zijn de landschappelijke kernwaarden rust, openheid, weidsheid en natuurlijkheid met inbegrip van duisternis voor het Waddengebied beschermd in de Omgevingswet. Hoewel deze waarden breed worden erkend, ontbreekt een heldere definitie: wanneer noem je een landschap bijvoorbeeld open? En hoe weeg je effecten op rust of duisternis mee bij nieuwe plannen voor wonen, werken, recreatie of bereikbaarheid? Het belang van een verdere uitwerking van deze waarden is daarom opgenomen in het regionale uitvoeringsprogramma van de Agenda voor het Waddengebied 2050.
In opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en de drie Waddenprovincies (Friesland, Groningen en Noord-Holland) werkte Wing samen met de Waddenacademie de landschappelijke kernwaarden uit in definities en criteria. Zo krijgen overheden meer houvast om keuzes te maken en de unieke kwaliteiten van het Waddengebied mee te nemen in beleid en praktijk.
Kennis uit wetenschap en praktijk
Wing combineerde wetenschappelijke kennis met gebiedskennis van experts uit het Waddengebied. Een uitgebreid literatuuronderzoek werd gecombineerd met interviews met experts bij de overheden. Dat leverde definities en criteria op voor de kernwaarden rust, openheid en duisternis. Ook formuleerden we aanbevelingen: hoe kan de inhoudelijke uitwerking helpen bij een betere uitvoering van de Omgevingswet? Tijdens een gezamenlijke workshop met gemeenten, provincies en het Rijk bespraken we vervolgens wat deze aanbevelingen betekenen in de praktijk. Hoe kan een inhoudelijke uitwerking bijvoorbeeld helpend zijn op gemeentelijk niveau? Daarbij kwamen veel voorbeelden aan bod waarbij afweging nodig is, zoals de plaatsing van windmolens in het kustgebied en de impact daarvan op de openheid.
De rust is hier oorverdovend,
omringd door de wind, het water en vogels.
De ruimte puur en open,
de blik op de horizon ononderbroken.
En onder de sterren in nachtelijk donker,
blijf je staan en ben je verwonderd.
– BvW –
Hoe nu verder?
De uitwerking beschrijft wat de kernwaarden betekenen, zonder nieuwe beleidskeuzes vast te leggen. De opdrachtgevers brengen deze uitwerking in bij het Bestuurlijk Overleg Wadden, waarin verschillende overheden samenwerken aan beleid voor het Waddengebied. De betrokken overheden gebruiken de uitwerking als basis voor vervolgstappen en gezamenlijke afspraken. Een belangrijke vervolgvraag is hoe de definities en criteria gebiedsgericht toegepast kunnen worden. Want niet iedere plek is hetzelfde. In sommige gebieden, zoals de Waddenzee, staat het behoud van rust en duisternis centraal. Elders, zoals op de eilanden en langs de kust, is meer ruimte voor recreatie, wonen of economische activiteiten. Een van de conclusies van het traject is dan ook dat een streefbeeld nodig is, waarin de ambities voor verschillende deelgebieden gebiedsgericht nader kunnen worden bepaald.