Menu

Verhalen

De mensen van Wing bloggen over hun ervaringen en reflecties.

Weten wat er leeft, dat is de kunst

Het openbaar bestuur worstelt met het vertrouwen van burgers. Of het nu gaat om de opvang van vluchtelingen, het plaatsen van windmolens, of het bouwen langs de kust. Bezinning is hard nodig. Mijn collega Dorien Brunt publiceert in april het boek Publieke bezinning. Een perfecte timing, want ik hoorde ook hoogleraar Gert van Dijk laatst spreken over de noodzakelijke nieuwe wind door ons democratisch bestel.

Onlangs vierde ik met nog ruim honderd leden de tweede verjaardag van gebiedscoöperatie O-gen. Deze organisatie is er voor het versterken van de vitaliteit en kwaliteit van het landelijk gebied in de Gelders Vallei, de Utrechtse Heuvelrug en de Kromme Rijnstreek. Bijzonder is dat de leden zowel van particuliere, private en publieke herkomst zijn. Op de bijeenkomst waren die ook allemaal present – met enig overwicht van bedrijven en maatschappelijke organisaties. Een Gebiedsraad met onafhankelijk voorzitter stuurt de activiteiten van een uitvoeringsorganisatie aan. Wat ze voor elkaar krijgen? Dat bepalen de leden. Zo wordt het weidevogelbeheer in Eemland gesteund, het heideherstel op de Heuvelrug of de toeristische ontwikkeling van de Grebbelinie. Op initiatief van boeren is een eenvoudige bedrijfscertificering voor maatschappelijk verantwoord ondernemen ontwikkeld: Vallei Boert Bewust. Ik was zelf betrokken bij landschappelijke ‘schouwen’, om een bestuurlijk gesprek over ruimtelijke kwaliteit met voorbeelden en adviezen te kunnen ondersteunen. Ook heeft Wing de regie gevoerd over de Voedselvisie van FoodValley regio, die met veel inbreng van leden tot stand is gekomen.

Coöperatieprofessor

Op het feestje van de tweejarige was een interessante gast. Gert van Dijk, houdt zich als hoogleraar al jaren bezig met coöperatieve samenwerking bij onder andere Nyenrode Universiteit en Tilburg University. Hij was ook als adviseur betrokken bij de oprichting van O-gen in 2014 en toonde zich nieuwsgierig naar, en optimistisch over de ontwikkeling van de organisatie. “Besturen en toezichthouden is niet zo moeilijk. Maar weten wat er echt leeft, dat is de kunst”, stelde hij. Als je de leden laat spreken en daar gevolgen aan verbindt, doe je het goed. De representatieve democratie laat op dat punt steken vallen, vond Van Dijk. Die lijkt zijn beste tijd te hebben gehad. Bestuurders zijn vervreemd geraakt van wat brede lagen in de bevolking bezighoudt. We hebben behoefte aan nieuwe vormen van samen onze omgeving organiseren. Gebiedscoöperatie O-gen is zo’n nieuwe vorm.

Goede besluiten vragen goede gesprekken

Van Dijk bevestigde wat wij in ons werk veel ervaren: de kracht van het goede gesprek, informele settingen, waarbij deelnemers de agenda bepalen. Dat kan je niet vervangen door enquêtes, referenda of formele procedures. We hebben daar nieuwe vormen en nieuwe ruimten voor nodig. Vrije ruimte voor dialoog, voor meningsvorming, voor onderzoek naar wat de kern van een kwestie is. Die vrije ruimte komt niet in plaats van de formele ruimte waar in wijsheid besluiten moeten vallen. Beide processen, die van de maatschappelijke dialoog en die van besluitvorming, zijn nodig. Maar die processen vragen om verschillende soorten gesprekken. Besturen betekent dan ook: weten welk type gesprek op welk moment nodig is, hoe je dat organiseert en hoe je ze met elkaar verbindt. Want in die verbinding ligt de uitdaging. Collega Dorien Brunt heeft afgelopen jaar hard gewerkt aan een publicatie over deze uitdaging. In april verschijnt het boek Publieke bezinning. Socratische dialogen over maatschappelijke vraagstukken. Volgens mij uitstekend getimed. Ik heb al een exemplaar laten reserveren.

Zie ook